2001

Uit "De Trompetter", woensdag 24 october 2001, door Olga Steen.

 

Kop + foto 1.JPG (43868 bytes) Dat is best bewerkelijk. .Je moet eerst een ontwerp maken, dat vertalen in een mal die later wordt gegoten in brons. Dan ben je er nog niet, want als een beeld van de gieterij komt is het nog heel ruw. Het afwerken kost ook veel tijd. Dat is nog maar het proces in de notendop. Bronswerken is echt veel werk. Daarom werk ik de laatste tijd ook heel graag met hydrofob, dat is weerbestendig gips. Het oogt ongeveer hetzelfde als brons, maar is veel handzamer: Kijk, bet bronsgieten heb je niet in eigen hand, dat gebeurt ergens anders, Wanneer ik iets van hydrofob maak, beheers ik het wordingsproces helemaal zelf. Dat is prettig. Een leuke bijkomstigheid is, dat je hydrofob alle kleuren kunt geven. Brons is beperkter, patineren of niet."                                                                    Wie rondkijkt in de kamer en het atelier van Jenny Roost ziet meteen waar het bij deze kunstenares om draait. Ze maakt figuren met lange, slanke ledematen. Niets lijkt zwaar of massief, alles ademt een sfeer van openheid uit. "Tja, daar houd ik nu eenmaal van. Wat dat betreft kan ik geen consessies doen om maar commerciŽler te zijn. Ik moet trouw blijven aan mezelf en maken wat ik mooi vind. Er zijn beelden die ik bewust niet verkoop, omdat ze voor het publiek niet mooi genoeg zijn. Ik vind ze prachtig, begrijp me goed."Jenny wijst naar een sculptuur die volgens haar door sommigen niet anders wordt betiteld dan een hoop smalle staken. Ze legt uit dat het een persoon voorstelt die staat, maar met de armen voorover naar de grond gebogen is. De rechte benen stellen de sterke kant van de mens voor, die naar buiten toe onverslaanbaar lijkt. De armen die naar de aarde gebogen zijn impliceren de zwakke kant die iedereen heeft, een afhankelijkheid die niet te ontkennen valt. Pure symboliek! "Inderdaad, alles draait bij mij om symboliek. Kunst is voor mij pure emotie. In de loop der jaren zie je daar ook een bepaalde ontwikkeling in. Ik verander, dus mijn kunst verandert met me mee. Ik streef ernaar om mezelf altijd te verbeteren en te venieuwen, maar het is voor anderen soms moelijk om die ontwikkeling te volgen.

‘Wat ben je nu weer aan het doen, krijg ik regelmatig te horen, zelfs van personen uit mijn naaste omgeving. Ze hebben meer tijd nodig om de dingen te zien zoals ik ze bedoel. Later zien ze dan toch wel dat het mooi is, gelukkig. Maar ik moet mijn eigen weg gaan. Anders ben ik geen kunstenares meer."

Naast haar sculpturen maakt Jenny Roost ook de meest artistieke sieraden. Het is een kunstzinnig uitstapje waar ze op de academie mee kennis maakte. ‘We werden tijdens onze opleiding uitgenodigd om mee te doen aan een sieradenexpositie en ik besloot ook een bijdrage te leveren. Toen ontdekte ik wat ik als kind ook al zo leuk vond: sieraden maken. Geen sieraden die je overal tegenkomt; nee, ik hou van iets aparts.

Net als bij het maken van beelden, ga ik mijn eigen weg. Ik vind het heerlijk om van de geijkte paden af te wijken, door materialen op een aparte manier te verwerken. Zilver, goud, koper, messing, bronsdraad: Ik gebruik ze allemaal. De ketting die ik zelf draag is bijvoorbeeld gemaakt van zilverdraad die ik vervolgens gehaakt heb. Juist omdat mijn werk zo divers is, heb ik er wel eens over gedacht om een bepaalde lijn uit te zetten, te kiezen voor een herkenbaar handelsmerk. Als kunstenaar en ontwerper hoor je dat toch te doen? Nee, ik besloot het niet te doen. Ik wil mijn absolute vrijheid houden en mezelf niet vastleggen op een zekere trend."

Grappig detail is dat Jenny tijdens het maken van sieraden ook weer stuit op ideeŽn die ze vervolgens vertaalt in een nieuw beeld. Een voobeeld daarvan is een sculptuur die ze twee jaar geleden in opdracht van de winkeliersvereniging maakte voor het Gebrokerplein. Dit beeld is volgens Jenny’s zeggen ontstaan uit een broche.Om de inwoners van de Parkstad kennis te laten maken met de diversiteit in kunstenaars die de betrokken gemeenten herbergen, heeft de gemeentelijke kunst- en cultuurcommissie besloten de Atelierroute te houden. Op 7 en 8 december aanstaande houden maar liefst 74 kunstenaars open huis en stellen ze hun atelier open voor het publiek. Iedereen is welkom en kopen is absoluut niet verplicht. Jenny is enthousiast, ze vindt het heerlijk om mensen om zich heen te hebben.

"Ik mag dan wel op mijn eigen manier met kunst bezig zijn, dat wil allerminst zeggen dat ik op een eilandje zit. Ik vind het heerlijk als mensen met mij enthousiast kunnen zijn.

Te gek! Dat geeft mij weer energie om verder te gaan. Ik haal mijn inspiratie uit gesprekken met anderen. Bezoekers hoeven niets te kopen, ik ben ze al dankbaar wanneer ze de moeite willen doen om naar mijn werk te komen kijken!" Jenny Roost woont aan de Spoordijkstraat 18 in Hoensbroek.

Wie niet in de gelegenheid is om daar een kijkje te nemen, kan ook terecht op haar uitgebreide website:

http://www.jennyroost.com/. Absoluut de moeite waard.

 

Parkstad — Wat heet kunst? Het is in ieder geval een persoonlijke belevenis, zowel voor degene die ernaar kijkt, als voor de maker ervan. "In mijn beelden zie je duidelijk wat ik mooi vind", vertelt de Hoensbroekse kunstenares Jenny Roost. Hoewel haar stijl heel toegankelijk is en een zekere vrouwelijke elegantie uitstraalt, is ze zich ervan bewust dat niet iedereen houdt van de vormen die ze gebruikt. Dat hoeft ook niet, Jenny gaat haar eigen weg. Ze maakt wat ze mooi vindt, wat dat betreft kan ze geen concessies doen. Op 7 en 8 december stelt Jenny Roost haar deuren open voor het grote publiek. Tijdens de Parkstad Atelierroute mag iedereen een kijkje komen nemen in haar atelier en haar werken bekijken.

Jenny Roost is niet haar hele levenlang aI kunstenares. Ze is wel altijd bijzonder creatief geweest. Als kind van een jaar of twaalf maakte ze al sieradensetjes en verkocht die vervolgens. "Thuis waren we ook altijd aan het knutselen, heerlijk vond ik dat. Maar op de een of andere manier drong het toen niet tot me door dat ik me eigenlijk verder zou moeten ontplooien in de kunst. Je kreeg voorgehouden dat je maar een ‘fatsoenlijk’ beroep moest kiezen.

Iets wat je toch wel leuk vond, maar waar je vooral een goede boterham mee kon verdienen"  Jenny Roost heeft dertien jaar als welzijnswerker voor jonge mensen gewerkt. Het moment dat ze besloot in de kunst verder te gaan kan ze zich nog heel goed voor de geest halen. "Ik was op een bepaald moment maskers aan het maken, ter decoratie, voor aan de muur. Dat vond ik heerlijk ik ging er helemaal in op. Vanuit mijn eigen intuÔtie ging ik meteen al driedimensionaal werken. Ik zocht de juiste vormen en verhoudingen, ik wilde meer en beter worden. Dat was de aanleiding om me in te schrijven voor de kunstacademie van Genk. Vijf jaar lang ben ik daar iedere zaterdag naar toe geweest. De opleiding deed ik naast mijn gewone baan, pas later heb ik ervoor gekozen me fulltime op de kunst te storten."De kunstenares wist meteen al dat haar hart bij het beeldhouwen lag. "In de eerste plaats vanwege het driedimensionale, maar ook omdat ik echt wil ‘werken’ met materialen. Verf en een penseel is te fijntjes voor mij, wanneer ik sculpturen maak voel ik me soms net een metaalbewerker. Heerlijk vind ik dat. Ik heb met alle soorten materiaal leren werken. Ook met ijzer bijvoorbeeld, maar dat is me te beperkend. Ik heb mijn draai gevonden in het brons.